Een Eetbaar Hout-stam in de tuin? Dat is zeker leuk, maar je kunt meer doen. Matthijs Bakker van Een Groene Zaak in Utrecht en Rowin Snijder van Compostier in Amsterdam gaven hun projecten extra glans met Eetbaar Hout als onderdeel van hun projecten.
Lees verder: Eetbaar Hout in de praktijkEen eetbare stadstuin

Ecologisch hovenier Matthijs Bakker van Een Groene Zaak werd gevraagd voor de inrichting van een achtertuin van 35 m2 in hartje Utrecht. De tuin hoort bij een hoog huis uit het begin van de vorige eeuw, waar afgelopen oktober een gezin is komen wonen. Nieuwe bewoners Tom en Noor wilden graag een tuin waar ze met hun kinderen konden spelen, relaxen en hun eigen eten konden oogsten. Met een tuin die vrijwel het hele jaar in de diepe schaduw van het hoge huis ligt, was dat een flinke uitdaging. Hovenier Matthijs dacht al snel aan Eetbaar Hout en sprak met een enthousiaste Pip. Er was ruimte voor meerdere soorten stammen. Het Groene Takken-team koos voor verschillende eigenzinnig gevormde stammen voor een speelse aanblik. Het Utrechtse gezin kan nu vrijwel het hele jaar paddenstoelen oogsten.
Wormenhotels
Schimmels, mensen, wormen… Het zijn collega’s in een circulaire kringloop. De schimmel haalt alle suikers uit Eetbaar Hout. Daardoor ziet de geënte boomstam er heel zielig uit, maar die transformatie is juist perfect voor het bodemleven. Wormen en andere bodemorganismes zijn een belangrijk onderdeel van het laatste stukje kringloop. Van boom naar eetbaar hout naar compost. Hoe kun je dit op een mooie manier laten zien?
Rowin Snijder

Als eigenaar van Compostier – Urban Composting in Amsterdam maakt Rowin Snijder sinds 2014 wormenhotels voor het verwerken van organische reststromen in de stad. Hij ontwerpt wormenhotels voor buurtcompostprojecten, scholen, universiteiten, restaurants en kantoren. De micro-organismen, kleine bodemdiertjes en compostwormen in wormenhotels, transformeren organische resten in nieuwe levende grond. De naam van het model wormenhotel dat Compostier bouwt, is de WºRM.
Openluchtmuseum

Voor het Openlucht Museum Arnhem maakte hij een wormenhotel met ‘bodem-kijk-doos’. Een leuke manier om schimmels in beeld te krijgen in het anders verborgen leven van de bodem. Eén segment van het wormenhotel werd hierbij geheel gevuld met grond, een fruitboompje en verschillende kruiden. Aan de zijkant van de doos werd het bodemleven en de wortelstelsels van de planten via een kijkvenster goed zichtbaar. Rowin kon zo de relatie met schimmels laten zien. Regen die op het wormenhotel viel, werd in de lage tuinbak aan de achterkant opgevangen. Zo bleef de grond in de bodem-kijk-doos vochtig genoeg voor Eetbaar Hout. Sommige toegevoegde geënte stammen waren nog productief, andere oudere stammen werden sneller afgebroken door het bodemleven.
Op de kaart van Compostier kun je zien waar alle wormenhotels geplaatst zijn.